It's like how Iceland is crawling with amazing musicians.
It's no surprise then that Netherlands artist Jeroen Allart is such a
brilliant painter. Simple lines and colors, smooth shadows, huge blank
spaces; they're just incredible paintings. Maybe there's just something
in me that loves anything reminiscent of mid-century design or the subtle
geometries of Art Deco. Allart has both, but coupled with a modern flair.
It's the best of all worlds, and it makes my eyes go funny. I want an
entire wall painted by him. [bron]
I love these paintings by jeroen allart so much it's almost hard to breath.
I love their flatness, their color, their subject matter, their composition.
That's all I have to say. Love, pure and simple.
Helder, eenvoudig en kleurrijk
zijn de schilderijen van Jeroen Allart.Met zijn nieuwe
landschappen vult hij zes kabinetten van het GEM. Eerder maakte hij Allart
humoristische schilderijen van katten, konijnen en andere dieren, maar
ook van cowboys, brandweermannen, molens en boten.
Het werk van Allart (1970) heeft een verfrissende lichtvoetigheid. Zijn
verrassend eenvoudige schilderijen behoeven dan ook geen ingewikkelde
uiteenzettingen.
Bijna geen andere kunstenaar toont zo direct wat hij wil laten zien: de
kop van een paard, een stoere brandweerman of zoals nu in het GEM, landschappen.
Het woord landschapsschilderkunst roept associaties op met een ver verleden,
maar voor wie het werk van Jeroen Allart gezien heeft, verdwijnen deze
direct.
De landschapsschilderijen zijn elk opgebouwd uit de volledig gestileerde
elementen weiland, lucht en boerderij. Door de simpele vormentaal en de
duidelijke kleuren die Allart hanteert, doen de landschappen dus grafisch
aan.
Dit is niet toevallig: voordat Allart zich op de Rijksakademie en de Willem
de Kooning academie het schilderen eigen maakte, doorliep hij het Grafisch
Lyceum.
Deze serie schilderijen straalt daarnaast door de onderwerpskeuze, duidelijke
vormen, maar zeker ook door het heldere kleurgebruik een zekere rust uit.
Voor de serie landschappen in het GEM heeft Allart zich dan ook laten
inspireren door het Groningse landschap. [gem]

Zoeken naar dat ene, ultieme beest
Hans den
Hartog-Jager: Kunstenaars houden niet van
eenvoud. Het oude Mulisch-adagium, 'De kunst is, het raadsel te vergroten',
is nog altijd populair bij veel schilders en installatiemakers. Eenvoud,
helderheid, simpelheid, dat is voor striptekenaars, kinderboekillustratoren
en verkeersbord-ontwerpers. Wat dat betreft kan de Rotterdamse kunstenaar
Jeroen Allart enig lef niet worden ontzegd. Op zijn expositie in Aschenbach
en Hofland Galleries is ieder raadsel uitgebannen. Neem de eerste vijf
doeken op de expositie, die zich als volgt laten omschrijven: konijn,
groep konijnen, konijn voor huisjes, ooievaar, groep sternen - en dat
is precies wat ze zijn. De achtergronden zijn egaal blauw of rood of geel,
iedere beweging is uitgebannen. Kijk maar, lijkt Allart uit te roepen,
er staat precies wat er staat! Dat Allart, net als de dierenvriend Dick
Bruna, een grafische achtergrond heeft, is nauwelijks verrassend. Hij
doorliep het Grafisch Lyceum, voordat hij zich op de Rijksacademie bekwaamde
in het schilderen. Daar maakte hij al een prachtig Aap-Noot-Mies-achtig
boekje van eigen werk met onder anderen een schaap, een schip en een lepelaar.
Toch lijkt Jeroen Allart niet direct Bruna-achtige ambities te hebben.
In zijn eenvoud past hij beter bij een andere artistieke school: die van
kunstenaars die zoeken naar het ene, ultieme beest of voorwerp. Het konijn
der konijnen, de molen der molens. En, zoals Allarts expositie aantoont,
dat valt nog niet mee. Neem Allarts queeste naar het konijn. Hij heeft
duidelijk iets met deze snuffels, maar slaagt er desondanks niet in een
trefzeker exemplaar neer te zetten. Het bruine geval bij de ingang is
te onbeholpen, de groep witjes ernaast mist volume. Het best getroffen
is nog het witte geval dat op Konijn bij Durgerdam tegen het doek op hupt.
Maar toch, ondanks Allarts verwoede pogingen is er geen enkel konijn dat
de wollige anekdotiek overstijgt. Prachtig en raak daarentegen zijn de
twee doeken van een groep sternen. Ook hier overheerst eenvoud en kinderlijke
helderheid, maar bij deze vogels is dat geen enkel probleem. De verklaring
ligt voor de hand: met hun zwarte koppen en helderrode snavels zijn sternen
bij uitstek, grafische, vogels. En precies die helderheid haalt het beste
in Allarts werk naar boven. Dat blijkt ook de rode draad op de rest van
deze expositie. De konijnen en het doek met kraanvogels verzinken in hun
eigen wolligheid, maar als Allart een boot schildert, een groep sternen
of een lepelaar dan hechten die zich in je geheugen. Alsof ze daar altijd
al gezeten hebben.

De schilderijen van jeroen zijn een verademing
kunstbeeld 2002
sandra spijkerman:
de schilderijen van jeroen allart (1970) zijn een verademing. over zijn
werk hoef je als toeschouwer niet lang na te denken, hier is direct duidelijk
wat de kunstenaar je wilt laten zien: de kop van een lepelaar bijvoorbeeld,
een lammetje of zoiets als een volgeladen containerschip. allart heeft
niets met conceptuele kunst. sterker nog, hij is van mening dat kunst
(of kunstenaar) en toeschouwer de laatste decennia veel te ver uit elkaar
zijn gedreven. hij brengt alles weer onder een noemer. allart schildert
alleen die dingen, die hem persoonlijk boeien. dingen waar hij een bepaalde
schoonheid in ziet en die hij graag wil laten zien. daartoe bestudeert
hij zijn onderwerpen grondig om ze vervolgens zo rudimentair mogelijk
weer te geven. dat is zijn kracht. hij schildert onderwerpen vaak tegen
een strakke eenkleurige achtergrond. eerder schilderde deze kunstenaar
mannen met stoere beroepen als brandwerman en cowboy. momenteel hebben
dieren en schepen zijn aandacht.
de afgelopen twee jaar heeft allart op de rijksakademie geexperimenteerd
met twee andere disciplines: keramiek en beeldhouwkunst.. bij zijn beelden,
die opgebouwd zijn uit hout en vervolgens voorzien zijn van een strakke
en glanzende laag kleurige verf, gaat hij op een vergelijkbare wijze te
werk als tijdens het schilderen. voor een meeuw bijvoorbeeld brengt hij
een bezoek aan de collectie van naturalis, het natuurhistorisch museum
in leiden, waar hij verschillende meeuwensoorten bekijkt en tekent. zijn
uiteindelijke beeld is dan ook samengesteld uit de essentie van drie verschillende
soorten. daarin volgt hij het spoor van paulus potter die zijn beroemde
stier ook uit meerdere voorbeelden opbouwde. zowel allarts schilderijen
en beelden doen in hun eenvoud denken aan prentboeken en kindertekeningen.
hoewel allart niet perse kindertekeningen en prentkunst wil maken, zoekt
hij in zijn uitvoering deze overeenkomst bewust op. toch zijn zijn onderwerpen
uiteindelijk net even te gecompliceert om voor 'kinderkunst' door te gaan.
dat geld ook voor de tegeltableaus, die een combinatie lijken te zijn
van stripfiguren en oeroude spreekwoorden en gezegden. op het eerste gezicht
vertrouwd en bekend, bij nader inzien blijken het lang niet allemaal officiele
spreekwoorden te zijn - de helft is door de kunstenaar zelf verzonnen
- en bovendien is die komieke vogel erbij een vreemde eend in de bijt.
het voelt vertrouwd en herkenbaar wat allart doet en bovendien is zijn
werk vaak geestig. dat brengt die verademing teweeg!

Wat afleidt van de essentie laat
ik weg
zone 5300 2004
Pieter van Oudheusden
een hond, hert of schaap, geschilderd in de bedrieglijk eenvoudige stijl
en heldere kleuren.
De eenzame cowboys van Jeroen Allart. Eerst schilderde hij koppen, die
hij zelf beschrijft als heroïsch en melancholiek. Om daarvan los
te komen nam hij zich voor landschappen te schilderen maar omdat ze er
naar zijn zin te leeg uitzagen, zette hij er dieren in. Een hond, hert
of schaap, geschilderd in de bedrieglijk eenvoudige stijl en heldere kleuren.
In hun eenzaamheid waren de dieren even hero•sch en melancholiek
als daarvoor de koppen en later zijn matrozen en cowboys. Of kaboois,
zoals hij zelf consequent zegt. Stoere kaboois.
Zijn die eenzame matrozen en cowboys ook symbool voor de kunstenaar zelf?
Het is een teruggetrokken bestaan. Als schilder heb je de eenzaamheid
hard nodig. Ik moet soms een hele week in m'n eentje staan te ploeteren
om een schilderij af te maken. Een cowboy in het atelier. Ik dweep ook
wel een beetje met de romantiek die rond cowboys en zeelieden hangt. Alles
klopt aan hun outfit, die heroïsche associaties oproept. Zeeman lijkt
me het ideale beroep. Een groot schip. Een half jaar op, een half jaar
af. Al die kerels die zich op zee moeten zien te redden. Ik heb ooit nog
overwegen naar een rederij te stappen om aan te monsteren, maar dat bleek
nog een heel gedoe te zijn. Een zoetwatermatroos, zo zie ik mezelf. Hoe
kies je de dieren die je schildert? Waarom schilder je de ene diersoort
wel en de andere niet? De aaibaarheidsfactor is bij mij altijd erg hoog.
Een dier moet voor mij iets aandoenlijks hebben. Ik zal niet snel een
varken schilderen. Of een hagedis, of een krokodil, dieren waarmee ik
me niet kan vereenzelvigen. Ik moet zoÕn dier willen zijn om het
te kunnen schilderen. Sommige vogels bijvoorbeeld zijn zo mooi van zichzelf.
Een stern is net een wedstrijdschaatser. Een vorm waaraan alles klopt.
Dat zie je niet alleen bij dieren, maar ook bij schepen en vooral bij
molens. Die zijn van zichzelf al zo ontiegelijk mooi. Ik streef ernaar
een schilderij te maken dat even perfect is als de onderwerpen die ik
schilder. De rest komt dan vanzelf: de meerwaarde, de emotie, de tijdloosheid
misschien. Maar in eerste instantie gaat het me puur om de esthetische
vorm. Wat afleidt van de essentie laat ik weg, de karakteristieken vergroot
ik uit. Bij vogels schilder ik geen afzonderlijke veren, om te voorkomen
dat het schilderij al te naturalistisch wordt. Ik ben er schaamteloos
op uit om de kijker te behagen. Dat is mijn kracht, denk ik. Mijn werk
appelleert aan instinctie die mensen hebben geleerd te wantrouwen. Althans,
in de kunst. En daarbij ga ik een flinke dosis vrolijkheid niet uit de
weg. Die dient tegelijk als tegenwicht voor de melancholie die niet uit
mijn werk is te bannen.Heb je een voorkeur voor kleur? Oudhollands homoblauw.
Dat woord gebruikte een voorbijganger toen ik bezig was mijn huis op te
schilderen. Een zelfde tint gebruik ik vaak in mijn schilderijen: het
hemelsblauw van vergeelde ansichtkaarten.
